Naar het fotoboek

Doelen herfst- tot kerstvakantie

Lezen

Spelling

Rekenen

Kern 3

In kern 3 leren de kinderen de volgende letters;

d, oe, k, ij, z aan de hand van de woorden;

doos, poes, koek, ijs, zeep.

 

Kern 4

In kern 4 leren de kinderen de volgende letters;
h, w, o, a, u  aan de hand van de volgende woorden;
huis, weg, bos, tak, hut.


Kern 5
In kern 5 leren de kinderen de volgende letters;

eu, j, ie, l, ou, uu aan de hand van de woorden;

reus, jas, riem, bijl, hout, vuur.

het verdelen van eenvoudige woorden in klanken.
We plakken de handen aan elkaar als een vis en hakken de woorden; m - aa - n, vervolgens plakken we maan. 

·     de juiste letter plaatsen bij een gegeven klank
·     eenvoudige woorden maken met bekende letters

Blok A2 en A3
Orientatie op getallen

-          De telrij wordt uitgebreid tot 30

-          Verder en terug tellen tot 30

-          Tellen met sprongen van 2 en 5

-          Buurgetallen weten tot en met 30

-          Lege plekken op een getallenlijn invullen tot 30

Resultatief tellen
       -       getalbeelden tot en met 10
       -       getalbeelden op het 
               rekenrek herkennen

Structureren
       -     splitsen van getallen
              je hebt 8 kastanjes, in welke
             verschillende groepjes kun je  
             deze verdelen? ( 4 en 4, 3 en 5  
              etc)

optellen en aftrekken t/m 10
-     het plus en min teken.
-     plus en min sommen met behulp van de bus sommen. Hoeveel mensen stappen er in of uit?

Schrijven

PBS

MI

We schrijven dagelijks.
Tijdens deze periode leren de kinderen de volgende schrijfletters;

 d, oe, k, ij, z (kern 3)
h, w, o, a, u  (kern 4)
eu, j, ie, l, ou, uu  (kern 5)

Elke week hebben we een regel op school waar we extra aandacht aan besteden middels gedragslessen.

De onderwerpen zijn:

Plein

Gang

Waarden schoolbreed

Toilet

Stop loop praat
Trap
Respect

We werken met thema’s en binnen dat thema staan 5 vragen centraal. Deze gaan we met de kinderen bespreken en deze vragen zouden minimaal beantwoord moeten worden door de kinderen.

 

Thema Het bos
1. Waarom laten bomen hun bladeren vallen in de herfst?
2. Hoe komt het dat bladeren verkleuren?
3. Welke bomen, balderen en vruchten horen bij elkaar?
4. Waarom laten bomen eikels, kastanjes of beukennootjes vallen?
5. Hoe kun je zien hoe oud een boom is?

Thema Sprookjes
1. In het echt bestaan er ook sprookjesfiguren; geitjes, beren, prinsessen etc. Doen deze hetzelfde als in een sprookje?
2. Hoe beginnen en eindigen veel sprookjes?
3. Hoe komen wij aan sprookjes?
4. Wat zijn heksen?
5. Wat is jouw lievelingssprookje?

Thema vogels in de winter
1. Hoe overleeft een vogel de winter?
2. Wat is een trekvogel en wat is een standvogel?

3. Waarom krijgen sommige vogels een andere kleur?
4. Hoe kun je vogels in de winter helpen?
5. Hoe komt het dan een vogel kan vliegen? (thermiek)


Kijk voor een overzicht van de rekendoelen naar deze link.